Wanneer je betrokkenheid averechts werkt

Laatst waren ze in het nieuws, ik mocht er zelfs mijn mening over geven in de Telegraaf: fanatieke ouders die ruzie hadden met de voetbalclub omdat hun zoon niet wilde keepen. Daar was vast meer aan de hand dan we weten. Maar het is een voorbeeld van betrokkenheid van ouders. 

Betrokkenheid bij het sporten van je kind is best normaal: wij hebben ook jarenlang het hele land doorgereden met onze zoon die landelijk speelde. En dan hoopte ik natuurlijk ook op winst en promotie. Laten we eerlijk zijn: dat is ook een stukje eigen ego, je bent trots als dat gebeurt.

Maar toch: ik heb de afgelopen jaren een aantal sportende en dansende kinderen begeleid, bij wie ik het idee heb dat die betrokkenheid van de ouders juist extra druk gaven bij het kind. In dit blog lees je wat ik bedoel en wat je als ouders kunt doen om daar wat bewuster mee om te gaan.

betrokkenheid ouders sport kinderen

Jouw ego doet ook mee, en dat is normaal

Het is ook gewoon logisch: als je kind goed presteert, voel jij ook iets. Trots, blijdschap, opluchting. En als het tegenvalt, voel jij ook iets. Teleurstelling, bezorgdheid, misschien zelfs wat frustratie.

Dat is toch gewoon normaal en menselijk. Jij hebt geïnvesteerd, in tijd, in kilometers, in geld, in energie. Die zaterdagmiddagen op koude sportterreinen, al dat taxiën naar trainingen. Je kind zien winnen. Het zou raar zijn als je er helemaal niets bij voelde.

Maar hier zit nou ook meteen het punt: kinderen voelen dat je zo intens mee-leeft. Ze voelen feilloos aan of jouw stemming na een wedstrijd of een proefwerk ook een beetje afhangt van de uitslag. En als dat zo is, dragen ze jouw gevoel mee het veld op, de klas in, de volgende wedstrijd door. Niet heel bewust, maar het zit er wel onder.

Een voorbeeld uit de praktijk: Lars

Lars is 15 jaar en speelt op hoog niveau hockey. Hij traint meerdere keren per week, staat bijna altijd op het veld en speelt in een regioselectieteam. Zijn ouders zijn er altijd bij: op de tribune, in de auto, en thuis aan tafel wordt de wedstrijd nabesproken. Ze volgen de competitie nauwgezet en sturen voor wedstrijden bemoedigende appjes.

Ze doen dit uit liefde, uiteraard. Maar Lars begint steeds vaker met buikpijn naar een wedstrijd te gaan. Hij slaapt slecht voor toernooien en ze zien hem blokkeren tijdens de wedstrijden. Zijn ouders denken aan faalangst en maken een afspraak. 

Als ik met Lars praat, zegt hij voorzichtig: “Als ik slecht speel, weet ik dat zij het ook erg vinden. Niet dat ze boos zijn, helemaal niet, maar omdat ze het zo erg vinden voor mij.”

Een slechte wedstrijd is niet alleen zijn teleurstelling, het is ook de hunne. Dat gevoel neemt hij mee het veld op. En dan moet hij naar een coach om meer te ‘gaan’ in zo’n wedstrijd. Eigenlijk nog meer druk op die prestatie.

 

Dit speelt trouwens net zo goed buiten de sport. Bij de moeder die elke middag vraagt hoe het proefwerk ging en daarna zichtbaar opgelucht of teleurgesteld reageert. Bij de vader die de cijfers bespreekt alsof je hele verdere leven ervan afhangt. 

Onbewust geven we alsmaar signalen dat we ons beter voelen als ons kind beter presteert.

betrokkenheid ouders school kinderen stress

"Kom maar niet kijken"

Een teamgenoot van onze zoon zei ooit tegen zijn moeder: “Kom maar niet kijken, want als jij kijkt verlies ik altijd.” Z’n moeder was altijd heel enthousiast maar hij voelde haar enthousiasme zo sterk, dat het meer druk gaf dan steun.

En los van dit voorbeeld: het maakt niet eens uit of je luid aanmoedigt of niet, met of je commentaar geeft of niet. Of je jubelt bij hoge cijfers of wijselijk je mond houdt bij onvoldoendes. Het gaat om wat je van binnen voelt en in je gedrag onbewust laat zien.

Tja wat moet je dan wél?

Jullie weekenden draaien om die wedstrijden, doordeweeks regel je dat je kind naar de trainingen gaat. Het is ook zo gegroeid dat alles erom draait. Net zoals het zo gegroeid kan zijn hoe je betrokken bent bij school. 

Leuk uitgelegd, denk je misschien, maar wat moet je dan? Ik kan m’n kind moeilijk alleen naar Assen sturen. Of m’n handen helemaal van schoolwerk aftrekken. Ik denk dat het vooral gaat om de vraag:  “van wie is deze prestatie eigenlijk?”

Het helpt als je meer beseft dat jouw kind dit doet voor zichzelf, niet voor jou. Dat een tegenvaller (verlies, onvoldoende) van hem of haar is, en dat jouw taak is om er te zijn, niet om het op te lossen of te verbeteren.

Dat is makkelijker gezegd dan gedaan, zeker als je veel verstand hebt van de sport die je kind beoefent (misschien speel je zelf ook) of als je allerlei zorgen hebt over de dreiging van blijven zitten of andere school. Maar het is wel de kern: je kind moet de zelfreflectie ontwikkelen om zelf dingen anders te gaan doen of om meer te ‘gaan’ in een wedstrijd – als hij of zij iets wil bereiken.

betrokkenheid ouders sport kinderen stress

Wat je concreet kunt doen als je kind gestresst is

Er zijn wel degelijk dingen die helpen om het lichter te maken:

  1. Stel na een wedstrijd of proefwerk eerst deze vraag aan je kind: “Hoe vond jij het zelf?” En luister dan. Ga niet je eigen analyse van een wedstrijd geven. Laat dat lekker over aan de coach.
  2. Houd de rit naar huis licht. De auto na een wedstrijd hoeft geen evaluatiegesprek te worden. Muziek aan, iets lekkers eten, gewoon samen zijn. Je kind weet zelf ook wel hoe het ging.
  3. Let op je eigen lichaamstaal. Je hoeft niets te zeggen, maar je kind leest jou. Een diepe zucht, een gespannen kaak, een teleurgestelde blik: kinderen merken die dingen op.
  4. Reageer op je kind, niet op de prestatie. “Ik vond het zo leuk om je te zien spelen” is iets anders dan “jullie speelden echt goed vandaag.” Voel je het verschil?
  5. En misschien wel het belangrijkste: ga voor jezelf na waarom een tegenvaller jou raakt. Wat zit er voor jou achter? Bezorgdheid om de toekomst van je kind? Of teleurstelling over je droom die misschien niet gehaald wordt? Iets wat jij zelf gemist hebt? 

"Je kan er echt helemaal niks van"

Je kent vast wel die ENORM fanatieke ouders die het ook niet zo handig aanpakken langs de lijn. Ik ken een vader/coach die regelmatig tegen z’n kind dingen riep als: “Je kan er echt niks van, dit slaat nergens op hoe je nu speelt, zo wordt het nooit wat”. 

fanatieke ouders sport kinderen

Hiervan snap je hopelijk wel dat dit niet zo handig is. Maar dus zelfs je liefdevolle aanmoediging kan extra druk geven, en dat is wel goed om eens bij jezelf bij stil te staan.

En als laatste tip, geef indirecte complimentjes. Bijvoorbeeld als je aan de telefoon of op verjaardagen over je kind praat, waar je kind bij is. Iedereen wil dan weten of je kind al eredivisie speelt en of je kind gaat slagen, maar leg de nadruk vooral op de inzet van je kind en hoe trots je daarop bent:

  • Ik vind het zo knap hoe hij dit allemaal combineert met school en werk
  • Ik ben zo trots als ik zie hoe serieus ze zich voorbereidt
  • Het is echt leuk om te zien hoeveel plezier hun team samen heeft
  • Ze is echt zo’n enorme doorzetter

Dit soort complimentjes, waarbij je kind gegeneerd roept “MAM!”, die komen stiekem heel goed binnen.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven