Verdragen is het nieuwe loslaten

Op een symposium dit weekend sprak een psychologe een zaal ouders toe over het woordje ‘verdragen’: we zaten daar allemaal omdat we een kind hadden met microtie atresie, een zeldzame aandoening waarbij een kind een oor mist, geheel of gedeeltelijk. Als je daar als verse ouders mee te maken hebt, komt er veel op je af: hoe gaat hij zich ontwikkelen, gaat hij gepest worden, moet ze een gehoorapparaatje, kun je zo’n oor nog laten opereren? Deze fase vol vragen hebben we hier thuis allang achter de rug, ze is 19 en heeft niet veel last van het horen aan 1 kant. Maar om ons heen zaten vooral jonge ouders vol aandacht te luisteren.

Ik vond het mooi hoe die psychologe van het oorschelpteam (jaja dat bestaat!) in het ziekenhuis de chaos en verwarring beschreef die je aanvankelijk voelt. Er is iets niet goed met je kind, veel artsen kennen het niet, niemand kan je wat vertellen, andere organen kunnen ook niet goed zijn, je hoofd draait op volle toeren, je googlet wat af en de kraamvisite vraagt je van alles. Sommige ouders zijn echt even van de rel door dit alles (‘wat heb ik verkeerd gedaan?’).

Verdragen van onzekerheid

Waar ik vooral op meeging was haar uitspraak: laten we het bij diagnoses en aandoeningen niet hebben over ‘acceptatie’ maar over ‘verdragen’. Verdragen is een werkwoord: verdragen dat je geen controle hebt over de komende maanden en jaren, dat je moet wachten op informatie, dat er tests en onderzoeken komen, verdragen dat je kind op school en op straat vragen en opmerkingen gaat krijgen. Dat je bij elke nieuwe juf of mentor even wat uitleg moet geven.

Wij zijn zelf nogal nuchter als ouders, dus wat deze afwijking betreft voelt het voor mij niet echt als ‘verdragen’, maar ik dacht meteen aan de ouders die bij mijn praktijk aankloppen met van allerlei opvoedzorgen

Vaak is daar toch ook mijn devies: kun je het verduren, kun je het verdragen, dat als jij een stapje terug doet, dat de ander het dan niet meteen zo goed doet als jij? (of: zo snel, zo perfect of zo handig).

En als je verder denkt: eigenlijk draait alles in het leven om leren verdragen. Als jij ook wat meer wilt leren ‘loslaten’, zodat er minder gedoe is thuis, lees dan vooral verder.

loslaten perfectionisme huishouden opvoeden pubers

Loslaten is vaak zo moeilijk

Het is voor ouders vaak zo ongelooflijk lastig om ‘los te laten’. Als je kind geen moer uitvoert voor school, of juist als je kind mega-gestresst is van school: je wilt het fixen. Je wilt je kind niet laten vallen, je wilt niet dat het struikelt of tegen een figuurlijke muur rent.

Maar wat nou als je loslaten meer ziet als ‘verdragen’? verdragen dat je kind dingen nog niet alles handig doet, de dingen anders doet dan jij. Dat ze een andere aanpak kiest, een ander tempo heeft, andere keuzes maakt. Dat ze haar eigen weg zoekt, ook als jij die weg niet zou nemen. Ouders die dat kunnen verdragen, geven hun kind mee dat er ruimte is om te leren van je eigen ervaringen en missers. En tja dat is waar ze uiteindelijk het meest van leren. 

Van binnen voelt ingrijpen (helpen) misschien als een daad van liefde en betrokkenheid. Maar eigenlijk is het de makkelijke weg. Want verdragen, uitzitten, erop vertrouwen dat je kind het aankan, je kind laten oefenen, dat vraagt meer geduld en doorzettingsvermogen van je. Maar het levert ook meer op.

Kinderen moeten ook leren verdragen

Verdragen is trouwens niet alleen iets voor ouders. Kinderen zelf staan voor dezelfde uitdaging, op hun eigen manier.

Ze moeten leren verdragen dat ze niet alles krijgen wat ze willen. Dat als ze uitstellen, de stress omhoog gaat. En dat je soms moet stoppen met gamen ook als je wilt doorgaan. Dat je somber kunt zijn én ook de leuke dingen van je leven kunt zien. Ze moeten leren dat sommige dingen spannend voelen én dat je ze toch kunt doen.

Dat is voor kinderen minstens zo moeilijk als voor volwassenen. Misschien wel moeilijker, omdat ze minder levenservaring hebben en dat brein nog in ontwikkeling is.

Ik gun ouders een dosis dapperheid

We denken bij ‘dapper’ vaak aan actie, ingrijpen. Maar ‘dapper’ kan er ook uitzien als niks doen. Afwachten en ruimte geven aan iets wat je liever zou willen sturen. Op je handen zitten… ook als je kind dreigt te blijven zitten en misschien van school moet. 

Verdragen vraagt vertrouwen van je, terwijl je niet zeker weet of dat vertrouwen zich waarmaakt. Zennnnnn… Het vraagt dat je gelooft in je kind, ook als je niet weet hoe het gaat lopen. Dat je de onzekerheid draagt, zonder hem door te geven aan je kind, of weg te drukken in allerlei controlerend gedrag.

loslaten verdragen opvoeden pubers

En je hoeft het niet fijn te vinden, want opvoeden is niet altijd fijn…

Perspectief

Aan het einde van dat symposium spraken we 2 ouders van een jong meisje met microtie. Ze hoorden onze dochter praten over hoe weinig last ze er eigenlijk van heeft gehad en hoe ze een heel gewoon leven heeft en nu studeert. “Ik geloof dat ik aan dit gesprek nog het meest heb van deze hele dag,” verzuchtte een van de twee. Je wilt toch een beetje perspectief hebben, vertrouwen dat het goed gaat.

Vind je dat lastig bij je puber? Ben je een doemdenker zo van ‘ja maar straks heeft hij 0 opleiding en ligt hij op de bank te niksen’? Dan vraag ik ouders altijd naar groene vlaggen. Hij handhaaft zich gewoon op werk, hij gedraagt zich geweldig bij familie en vrienden, hij is zo leuk in de omgang, z’n mentor vindt hem geweldig. En weet je, als een kind een fijne warme basis bij jullie heeft gehad en je ziet dit soort groene vlaggen ook, dan mag je best eens een stapje terugdoen en met nieuwsgierigheid kijken hoe deze bloem over een paar jaar echt tot bloei komt!

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven