De Dramadriehoek

Soms heb je dat wel eens… iemand zegt iets wat verkeerd valt, en je schiet meteen in de emotie. Dat overkwam mij ook laatst. En ik voelde hoe ik automatisch in de verdediging of tegenaanval wilde gaan.

Kort ervoor had ik geleerd over de Dramadriehoek. Over hoe we in onze communicatie bepaalde rollen innemen en zo het ‘drama’ zelf in stand houden. En hoe je kunt zorgen dat je verder escaleren voorkomt. Maar hoe dan?

De Dramadriehoek

De Dramadriehoek (ook wel de ‘Karpman-driehoek’) is een model uit de Transactionele Analyse. Als een gesprek niet lekker loopt, dan is de kans groot dat je in deze driehoek zit. In dit ‘spel,’ zoals het in de theorie heet, neemt ieder zijn eigen rol:

De Dramadriehoek

De 3 rollen

Elk van de 3 rollen in de Dramadriehoek heeft zijn eigen manier van praten. Probeer je maar eens een conflictsituatie voor de geest te halen, en kijk wie in welke beschrijving past:

De Aanklager:

“Jij doet het helemaal fout”
“Zo wordt het hier niks”
“Het is ook altijd hetzelfde”

Kenmerken van de Aanklager:

  • verbergt zijn eigen zwakte en wijst anderen op zwakke plekken
  • beschouwt anderen als minderwaardig of niet competent
  • doet beschuldigend, geïrriteerd en arrogant
  • ontkent zijn eigen aandeel in het geheel

De Redder
“Ik wil alleen maar helpen”
“Als je nou eens dit doet”
“Ik heb even voor je…”
“Je moet maar eens”

Kenmerken van de Redder:

  • geeft graag ongevraagd hulp en advies, in de vorm van oplossingen
  • denkt anderen te moeten helpen omdat ze zelf niet competent genoeg zijn
  • neemt verantwoordelijkheid over
  • maakt anderen afhankelijk en zichzelf onmisbaar

Het Slachtoffer
“Ik heb altijd pech”
“Zo voel ik me niet serieus genomen”
“Ik wil het wel, maar…”

Kenmerken van het Slachtoffer:

  • gedraagt zich hulpeloos, zoekt steun en wacht af
  • laat voor zich zorgen, dwingt zorg af, heeft anderen nodig
  • komt met smoezen en uitvluchten
  • ziet zichzelf niet in staat zijn eigen problemen op te lossen
  • emotie neemt de overhand
  • doet hij zielig genoeg, dan roept hij medelijden aan bij de Redder
  • roept hij irritatie op, dan daagt hij de Aanklager uit

Soms verruilen mensen binnen een gesprek of conflict van rol, door naar een andere positie te gaan. Voelt de Redder zich niet gewaardeerd, dan neemt hij de rol van Slachtoffer: “Ik doe het nooit goed”. Of misschien juist van Aanklager: ”Ik wou alleen maar helpen, hoor!”. Doordat iedereen telkens van plek wisselt, houd je met elkaar de driehoek in stand, het is net ‘boompje verwisselen’…

Wat gebeurt er als je erin zit?

Het woord zegt het al: deze driehoek leidt tot drama. Het hele spel is gebaseerd op ongelijkheid: de een vindt zichzelf beter of juist minder dan de ander. Eigenlijk zie je bij elke rol terug:

  • De Aanklager en Redder zeggen elk: Ik ben OK, jij bent niet OK
  • Het Slachtoffer zegt: Ik ben niet OK, jij bent wel OK

Zit je erin, dan is de kans groot dat je de posities nog versterkt ook. De Aanklager gaat nog meer boos doen, het Slachtoffer voelt zich nog meer slachtoffer, de Redder probeert alsmaar te redden wat er te redden valt…

De Dramadriehoek thuis

Je herkent het misschien wel bij gedoetjes binnen je gezin. Heel traditioneel zie je zo vaak de ‘strenge vader’ bij de Aanklager, de ‘moederende moeder’ bij de Redder, en het hulpeloze kind bij het Slachtoffer. Maar die moeder kan ook goed in de rol van Slachtoffer duiken als er niet genoeg waardering is. En het kind kan ook Aanklager worden naar de moeder: “Jij hebt mijn tas niet goed ingepakt!” of bijvoorbeeld naar de vader: “Je zit zélf ook steeds op je telefoon!”

De Dramadriehoek op je werk

Binnen afdelingen of tussen teamleden en hun manager komt ook vaak de Dramadriehoek voor. Ik heb hem als afdeling wel meegemaakt, de slachtofferhoek: “Niemand neemt ons serieus”. En andere afdelingen die klaagden: “Jullie zorgen alleen maar voor vertraging”.

Als je een leidinggevende hebt die in de rol van Aanklager zit, is dat niet gemakkelijk, omdat de hiërarchie ook nog meespeelt. Ze beschuldigen zonder met oplossingen te komen: “Door jullie halen we onze target niet”; “Als je thuis werkt kan ik je niet vertrouwen”. Of je hebt een leidinggevende als Redder, die continu komt vertellen hoe je je werk beter kunt doen, of checkt of je die ene klant al gebeld hebt. Voor je het weet raak je geïrriteerd en pak jij de rol van Aanklager.

Hoe kom je eruit? “Ik ben OK, jij bent OK”

Om verder drama te voorkomen, moet je zorgen uit de driehoek te komen. Dat doe je via de volgende stappen.

  1. Wees je ervan bewust dat je in de driehoek zit: herken het en erken het.
  2. Weiger om nog langer één van de drie rollen aan te nemen. Het is een spel dat je in stand houdt zolang er spelers zijn. Als één niet meer meedoet met spelen, stopt het spel.
  3. Adem in… adem uit… Neem de basishouding aan dat iedereen gelijkwaardig is: “Ik ben OK, jij bent OK”
  4. Toon je werkelijke gevoelens
  5. Vraag eerlijk om wat je nodig hebt
  6. Praat over je al dan niet primitieve gevoelens (vanuit een volwassen positie)

Als je het vanuit de 3 verschillende rollen bekijkt, moet elke rol wat anders doen om uit de Dramadriehoek te komen:

  • Het Slachtoffer moet realistisch gaan doen: verantwoordelijkheid nemen voor eigen gedachten, gevoelens en behoeften. Zich kwetsbaar opstellen en zélf op zoek gaan naar oplossingen. Of op een volwassen manier vragen: “Wil je me even helpen?”
  • De Redder gaat positief helpen en niets meer of niets minder doen dan afgesproken. Vraag gewoon: “Kan ik iets voor je doen?”. Ben je een typisch ‘redderende’ ouder? Stop ermee: maak afspraken over waar jouw hulp nodig is en waar niet. Je zet je kind in zijn/haar kracht als je zelf een stapje terug doet.
  • De Aanklager kan positieve feedback geven en is daarbij ook duidelijk over de eigen grenzen. Begin zinnen met: “ik vind…”, “ik voel…”, “ik wil…”, zonder de ander daarbij te kwetsen.

Maar hoe doe je dat, de ander OK vinden…?

Tot zover de theorie… het is gemakkelijker gezegd dan gedaan: ik ben OK en jij bent OK. Want als ik er zelf in zit, denk ik wel anders in mijn boosheid/gekwetstheid.

Mijn tip: neem de tijd en zet een stapje naar achteren. Onderzoek je gevoelens, kijk eens vanaf een afstandje wat er nou feitelijk gebeurd is. Doe net of je een vliegje op de muur bent, dat naar persoon A en naar persoon B kijkt. Wat zie je dan eigenlijk? Hoe doen ze? Wat zeggen ze? Wat is nu eigenlijk probleem? Van wie is het probleem? Dat haalt de emotie er wat meer af.

En bedenk dan hoe je wilt reageren, zonder verwijt. Verzin woorden en zinnen die oprecht zijn en tóch de ander niet kwetsen.

De Dramadriehoek… wees op je hoede, voor je het weet zit je er middenin!

 

 

Leave a Comment